Eerder of later met pensioen
Het ouderdomspensioen wordt uitgekeerd vanaf de maand waarin u 65 jaar wordt. Maar u kunt ook eerder met pensioen gaan.
De leeftijd waarop u kunt stoppen met werken, hangt af van uw salaris en van het aantal jaren dat u hebt gewerkt. Op zijn vroegst kunt u stoppen met werken als u 60 jaar bent. Later mag ook, maar uw pensioen kan op zijn laatst ingaan als u 70 wordt. Uw pensioenopbouw stopt op moment van uittreden, maar uiterlijk op 65-jarige leeftijd.
U bent geboren voor 1 januari 1950
Als u bent geboren voor 1 januari 1950, dan kunt u op een vastgestelde datum stoppen met werken. Dat hangt af van uw leeftijd en het aantal dienstjaren. U kunt ook besluiten later met pensioen te gaan. Dan wordt uw uitkering hoger, want we keren de uitkering over een kortere periode uit.
Wilt u eerder stoppen met werken? Dat kan als u voldoet aan de voorwaarden van de overgangsregeling VUBAN.
Als u gebruikt maakt van deze overgangsregeling, wordt het ouderdomspensioen vanaf 65 jaar gebaseerd op de regeling die gold voor 2006. Het ouderdomspensioen vanaf 65 jaar wordt daardoor lager dan het ouderdomspensioen in de nieuwe regeling.
U bent geboren op of na 1 januari 1950
Bent u geboren op of na 1 januari 1950? Dan kunt u in aanmerking komen voor de overgangsregeling 55-. Daarmee kunt u onder bepaalde voorwaarden extra ouderdoms- en partnerpensioen krijgen. Dat extra pensioen kunt u inzetten om voor uw 65e met pensioen te gaan.
Met de Pensioenplanner rekent u heel makkelijk zelf uit wat eerder stoppen met werken voor uw pensioen betekent.